nieuw logo site

Karper.

Er bestaan 5 verschillende variëteiten met een eigen schubpatroon, maar allen stammen ze af van dezelfde wilde karper  

De boerenkarper of wilde karper : 
De oervorm van onze inheemse karper. Ongelukkig genoeg steeds zeldzamer. Hij word vaak verward met de schubkarper , een van de meest voorkomende. Maar de wilde karper is slanker en heeft een rechtere rug. Daarbij is het lichaam cilindervormig. Ze worden ook minder groot en zijn reeds zeldzaam.  Meest voorkomend in natuurlijke waters zoals de polderwaters.

 

De schubkarper : 
Heeft een volledig schubbenpatroon over het ganse lichaam  en is een van de meest voorkomende variëteiten. Er is weinig variatie in het schubbenpatroon waardoor herkenning van een eerder gevangen vis enorm moeilijk is. 

 

De rijenkarper :
Is eigenlijk een spiegelkarper met één rij grote schubben over de zijlijn. 

 

De graskarper : 
Dit is een exotische soort , maar in sommige waters uitgezet om te proberen de vegetatie in toom te houden. Wat niet altijd een succes genoemd kan worden. Maar ondertussen hebben we er wel een karpersoort bij. Komt trouwens steeds veelvuldiger voor  en dit meestal in sierwaters. max gewicht circa 45kg bij 150cm.

 

Leefgebied :
In de eerste plaats een bodembewoner die echter graag komt zonnen aan het oppervlakte. 
Bewoond meestal langzaam stromende rivieren en stilstaand water maar komt ook voor in snelstromende rivieren waar hij zich toch meestal ophoud in de kalmere delen. Karpers houden van warm water , en ondiepe plassen en meren met flink wat waterplanten zijn hun natuurlijke habitat. Door uitzetting komen ze nu echter zowat in ieder water voor , maar om zich voort te planten hebben ze nog steeds ondiep warm water en watertemperaturen tot 15-20°c nodig. 

Eetgewoontes : 
Hoewel de karpers groot tot zeer groot kunnen worden bestaat hun natuurlijk voedsel menu uit minivoedsel, zoals muggenlarven , slakjes , mosselen , kleine insecten en alle soorten andere kleine waterdiertjes. Maar ook jonge waterplanten en wier versmaad hij niet. Hij is dus wat wij noemen een alleseter. 
Om zowel larvenomhulsels of slakkenhuisjes te vermorzelen is hij daarvoor toegerust met keeltanden waarmee hij die behuizingen kan kraken.  Hierdoor kan hij ook de hardere boilies aan die wij karpervissers hem presenteren. En om de beginnende karpervissers gerust te stellen : deze keeltanden zijn trouwens volledig ongevaarlijk en snijden niet. 
Karpers kunnen zeer goed ruiken en proeven. Ze kunnen geur op grotere afstand waarnemen en beschikken over uitstekende smaakpapillen. Een kennis die we dan weer kunnen gebruiken voor het bereiden van aas en lokaas. 
Karpers foerageren en azen het meest tussen schemering en licht , zowel s' avonds als s' morgen. Alhoewel ze zoals ieder dier nooit de kans laten liggen op iets lekkers als dit voor hun bek komt.  

Aasgedrag op jaarbasis :
Temperatuur en weertype beïnvloeden in grote mate het aasgedrag.  Daarbij bevestigen de uitzonderingen zoals steeds de regel. Veel is ook afhankelijk van het soort viswater. In sierwater of op waters waar het voedselaanbod niet toereikend is kan de karper zelfs het ganse jaar door blijven azen. Omgekeerd kan ook , dan is het in alle gevallen vaak werken om een vis aan de lijn te krijgen. Dus zie onderstaand lijstje dan ook maar alleen als een algemene leidraad. 
December / Januari / Februari 
De karpers bevinden zich op diep water , eten weinig of niets en verplaatsen zich zelden. Sommigen graven zich zelfs gedeeltelijk in de modder in om het warmer te hebben. Weinig bemoedigend voor de karpervisser die in deze tijd veel aan het water verblijft om weinig of niets te vangen. Zonnige dagen geven nog de meeste kans op een aanbeet. 
Maart / April 
De watertemperatuur stijgt langzaam met de eerste zonnige dagen. Ook onze karper wordt actiever. Hoe meer zon hoe vlugger het beter wordt. Voer echter niet te veel , ook nu is de karper nog maar in het begin van zijn activiteit en aast nog altijd sporadisch. Nu komt de karper ook vaak op de middag in ondiepe warmere zones. 
Mei / Juni 
Met het zonnige weer komt de karper echt op dreef. Op sommige dagen lijkt het of hij niet genoeg kan krijgen van het nu beschikbare voedsel. Deze maanden worden dan ook aanzien als een van de beste periodes. Dit is ook de paaiperiode en soms zijn ze in die tijd dan weer moeilijk te vangen alhoewel je ze dan vaak ziet en hoort als ze in de oevers rommelen.  Kort daarna echter is het of ze alle energie die ze in het paren staken door voedselopname weer moeten aanvullen. 
Juli / Augustus 
Ook nu aast de karper volop. De aasperiodes concentreren zich in deze warmere periode echter steeds meer voor en na zonsop en ondergang. Dit zijn dan nu ook de beste tijden. 
September / oktober 
De temperatuur van het water begint te zakken en daarmee de karper activiteit. Hij komt kieskeuriger in het selecteren van zijn aas na de  vraatperiodes van de afgelopen maanden.  Soms lukt het iets beter met een totaal nieuwe flavour. Alhoewel er in die periode soms nog dagen kunnen voorkomen waarop de karpers plots explosief aan het azen slaan alsof zij een reserve willen opdoen voor de winter.
November 
de karpers trekken naar hun winterkwartier en zijn nu bijna of niet meer te vangen buiten een toevalstreffer.  

Dressuur :
Als we het over azen hebben , dan kunnen we niet voorbij dressuur. Er is reeds veel over geschreven en er zal nog veel over geschreven worden. In hoofdzaak komt het er op neer dat karpers niet dom zijn door ervaring leren. 
Er zijn twee soorten dressuur , namelijk stekdressuur en aasdressuur.
Aasdressuur : 

Als op een en hetzelfde water het grootste deel van de vissers met hetzelfde aas vissen dan leert de karper dit aas als gevaarlijk herkennen. Zulke situaties komen vaak voor omdat sommige vissers met een bepaald aas veel vangen en dit door talrijke andere  vissers nagevolgd wordt. Er worden hierdoor steeds minder karpers gevangen aan dat bepaald aas. Verandering van aas of presentatie kan die barrière doorbreken. Dit komt mijn inziens alleen voor bij individuele vissen die op een stek reeds verschillende malen gevangen werden en deze plaats gewoon mijden. Wat niet wil zeggen dat het daarom geen goede stek blijft. De karper kwam daar in de eerste plaats voor het voedselaanbod en dat is er nog steeds. Mijn ervaring is dat het formaat van de vissen op zo'n stek beduidend minder wordt.

Stekdressuur : 

Dit komt mijn inziens alleen voor bij individuele vissen die op een stek reeds verschillende malen gevangen werden en deze plaats gewoon mijden. Wat niet wil zeggen dat het daarom geen goede stek blijft. De karper kwam daar in de eerste plaats voor het voedselaanbod en dat is er nog steeds. Mijn ervaring is dat het formaat van de vissen op zo'n stek beduidend minder wordt.